OLD
Tijd voor een update: #KEI – KEIduidelijk
Auteur: jb

Datum: 5 december 2017

KEI update

We zijn alweer even op weg met KEI. Het is even wennen, maar het spreekwoord ‘al doende leert men’, is hier zeker van toepassing!
Een fijne bijkomstigheid is dat KEI als eerste is ingevoerd bij de Hoge Raad. Hieruit vloeit voort dat er direct mooie arresten verschijnen op het hoogste niveau. Op deze manier is het – in een vroeg stadium – voor iedereen kei-duidelijk hoe hiermee om te gaan in de toekomst!

Hoge Raad 7-7-2017 arrest kantoorbetekening//verstekverlening

De Hoge Raad heeft op 7 juli 2017 een uitspraak gedaan met betrekking tot de kantoorbetekening conform art. 63 lid 1 Rv onder KEI. De korte dagvaardingstermijn van art. 115 Rv is door de invoering van KEI weggevallen en de vraag was of deze toch nog van toepassing was. In deze zaak is de procesinleiding op 8 mei 2017 ingediend. De termijn waarop verweerster – gevestigd in België – als laatste middels een advocaat kon verschijnen was 19 juni 2017, zodat artikel 30a lid 3 aanhef en onder c Rv in acht was genomen.
Ook onder KEI blijft de korte dagvaardingstermijn in geval van een kantoorbetekening bestaan. De Hoge Raad oordeelde in deze dat eiser aan alle vereisten heeft voldaan en ook art. 112 Rv in acht is genomen. De Hoge Raad stelt dat er geen aanleiding bestaat om te twijfelen dat het exploot verweerder niet heeft bereikt. Het verstek wordt dan ook verleend.

Hoge Raad 13-10-2017 NL:HR: 2017:2628

Op 13 oktober 2017 heeft de Hoge Raad wederom een interessant arrest gewezen over de werkwijze na herstel van de procesinleiding.
Volgens art. 112 lid 1 Rv dient het oproepingsbericht binnen twee weken na de dag van indiening aan de verweerder bij exploot te worden betekend. Indien eiser overgaat tot herstel van gebreken dient eiser een tweede oproepingsbericht met procesinleiding aan eiser te sturen/betekenen.
De wet is niet duidelijk of je een nieuwe uiterste verschijndatum moet aanzeggen als de eiser een herstelde procesinleiding bijvoorbeeld betekent op een datum gelegen na de oorspronkelijke eerst aangezegde uiterste verschijndatum.
De Hoge Raad stelt dat de eisen van een goede procesorde met zich meebrengen dat de eiser in een dergelijk geval aan de verweerder een nieuwe uiterste verschijndatum dient aan te zeggen. Verschijnt verweerder alsdan niet, dan kan de rechter verstek tegen hem verlenen. In de onderhavige zaak dient eiser binnen twee weken het exploot uit te brengen.

Hoge Raad 13-10-2017 NL:HR:2017:2629

Nog een interessante uitspraak! Deze gaat over het overschrijden van de betekeningstermijn. Krachtens art. 112 lid 1 Rv dient de procesinleiding tezamen met het oproepingsbericht binnen twee weken – na de dag van indiening van de procesinleiding -aan verweerder te worden betekend of op andere wijze te worden bezorgd. De Hoge Raad gaat hiermee soepel om en beslist dat overschrijding van deze termijn niet leidt tot nietigheid.
Resumé: zijn er meer dan twee weken verstreken tussen het betekeningsexploot en de daarin aangezegde uiterste verschijndatum, dan is overschrijding van de tweewekentermijn geen beletsel voor verstekverlening. Het gaat erom dat verweerder niet in zijn verdediging mag worden geschaad.

Nog enige belangrijke praktijk informatie:
• Bij verzet altijd de weg volgen van art. 113 Rv. = verplicht;
• Instellen eis in de hoofdzaak art. 112 Rv volgen. Artikel 113 Rv is niet termijnreddend.
• Bij buitenlandse betekening (art. 115 lid 1 Rv) start de termijn na betekening in het buitenland. Het advies is: ruime termijnen nemen (minimaal vier maanden). Bij te korte termijn: geen verstekverlening!
• Op 4 oktober 2017 is de eerste mondelinge uitspraak gedaan krachtens art. 30p Rv door de Rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda. Van deze mondelinge uitspraak wordt door de rechter een proces-verbaal opgemaakt.

Tot slot:
Wij wensen u veel succes en goede digitale KEI procedures!

Jolanda Baks, Toegevoegd Gerechtsdeurwaarder
Stalman & Rijken Gerechtsdeurwaarders

Reageren